Hidradenitis suppurativa, acne inversa, acne ectopica Chirurgie bij Hidradenitis suppurativa TNF-blokkers (Remicade (infliximab) en Humira (adalimumab)) bij Hidradenitis suppurativa Richtlijnen voor de behandeling van Hidradenitis suppurativa Literatuur behorend bij de richtlijn Hidradenitis suppurativa Links over Hidradenitis suppurativa Sitemap (Inhoudsopgave van www.hidradenitis.eu

 

HIDRADENITIS SUPPURATIVA (ACNE INVERSA, ACNE ECTOPICA)

 

Algemene informatie over hidradenitis suppurativa

 

- Wat betekent hidradenitis suppurativa ?

- Klachten

- Oorzaak

- Behandeling

    - leefregels

    - geneesmiddelen

    - chirurgische behandeling

- Patiëntenvereniging

 

 

GENEESMIDDELEN

 

Antiseptische middelen en lokale antibiotica

Deze producten (b.v. betadine jodium zeep, Hibiscrub, Dalacin-T, Eryderm) kunnen de hoeveelheid bacteriën op de huid verminderen en daarmee een kleine bijdrage leveren, vooral aan het voorkomen van nieuwe ontstekingen. Bestaande abcessen en diepere ontstekingen reageren er niet op.

 

Lokale anti-acne preparaten

Deze producten (b.v. benzoylperoxide gel of salicylzuurhoudende crèmes) zijn gericht op het openhouden van talgklieren. Ze zijn enigszins irriterend en daarom minder geschikt voor de gevoelige huid van de plooien.

 

Antibiotica

De ontstekingscomponent kan tot rust worden gebracht door langdurige behandeling met antibiotica. De antibiotica die daarvoor gebruikt worden zijn tetracycline, minocycline (Minocin), doxycycline, en erythromycine. Deze groep antibiotica heeft, naast een gewone antibacteriële werking, nog een tweede eigenschap: ze remmen de witte bloedcellen, die op de ontstoken talgklieren afkomen, en brengen daarmee rechtstreeks het ontstekingsproces tot rust. Normaal worden antibiotica kortdurend gegeven, maar voor deze antibiotica geldt dat niet: ze worden zonodig maandenlang gegeven.

Antibiotica kunnen ook kortdurend worden gebruikt (1-2 weken) om hevige infecties met abcesvorming te bestrijden. Over het algemeen wordt dan gekozen voor een krachtig antibioticum (b.v. Augmentin of clindamycine), dat effectief is tegen de meeste bacteriën die kunnen worden aangetroffen in de ontstekingen.

Voor alle antibiotica geldt dat ze het ontstekingsproces slechts tijdelijk onderdrukken. De roodheid, pijn en zwelling kan er tijdelijk door afnemen, nieuwe infecties kunnen worden voorkomen, maar bestaande abcessen en fistelgangen zullen er niet door verdwijnen, en na staken komt het probleem weer terug.  

  

Middelen die de talgklierproductie remmen  

Bij vrouwen kan een speciale anticonceptie pil worden voorgeschreven (Diane-35), eventueel met daaraan toegevoegd Androcur (cyproteronacetaat) gedurende de eerste 10 dagen van de strip. De bijwerkingen zijn vergelijkbaar met die van een gemiddelde gewone anticonceptiepil. Het duurt enige maanden voordat het effect zichtbaar wordt, en de werking bij acne inversa is minder goed dan bij gewone acne. 

Andere middelen die de talgklieren beïnvloeden zijn de van vitamine A-zuur afgeleide preparaten Roaccutane (isotretinoïne) en Neotigason (acitretine). Roaccutane werkt goed bij gewone acne, maar het effect bij acne inversa is gering. Waarschijnlijk omdat niet de talgklierproductie het probleem is bij acne inversa, maar de afsluitingen van de klier-afvoergangen. Neotigason werkt iets beter omdat het de verhoorning van de huid remt, en tevens ontstekingsremmend werkt. Voor beide middelen geldt dat er aanzienlijke bijwerkingen kunnen optreden.

 

Ontstekingsremmende middelen

De ontstekingsreacties (roodheid, zwelling, pijn) kunnen tijdelijk worden onderdrukt door corticosteroïden (bijnierschorshormonen). Corticosteroïden kunnen in tabletvorm worden gegeven, of rechtstreeks worden ingespoten in zwellingen en abcessen. Corticosteroïden onderdrukken het afweersysteem en brengen daardoor de ontstekingen tot rust. Nadeel is dat het afweersysteem nodig is om bacteriën onder controle te houden. Bacteriële infecties kunnen dus ernstiger verlopen bij iemand die corticosteroïden gebruikt. Dit kan worden voorkomen door gelijktijdig antibiotica in te nemen. 

 

Sinds 2002 zijn er enkele nieuwe en krachtige ontstekingsremmende middelen bij gekomen, de zogenaamde TNF-alpha remmers. Deze zijn zeer effectief bij patiënten met ernstige hidradenitis suppurativa, vooral bij de patiënten waarbij ernstige ontstekingsreacties rondom de abcessen en fistels optreden. Er zijn in Nederland nu 3 middelen op de markt: Remicade (infliximab), wat alleen via een infuus gegeven kan worden, Enbrel (etanercept) injecties, en Humira (adalimumab) injecties. Remicade is het langst op de markt, en daar is ook het meeste onderzoek mee gedaan. De resultaten daarvan zijn goed, echter de behandeling is kostbaar en wordt nog niet door alle ziekenhuizen aangeboden. Humira is ook effectief, heeft wat minder bijwerkingen en kan poliklinisch worden toegediend (injecties thuis door de patiënt zelf). Van Enbrel is het nog niet helemaal zeker of het even goed werkt als Remicade en Humira, meer onderzoek is nodig om dat vast te stellen. Er zijn inmiddels wel enkele studies gedaan waaruit blijkt dat Enbrel in een hogere dosering (2 x per week 50 mg) ook effectief is. Het probleem bij de TNF-alpha remmers is dat ze niet geregistreerd zijn voor de indicatie hidradenitis suppurativa. Daarom is ook de vergoeding niet geregeld. Sinds 2008 is het mogelijk om onder bepaalde voorwaarden een vergoeding voor Remicade of Enbrel aan te vragen bij de ziektekostenverzekeraars. De vergoeding voor Humira is helaas nog steeds niet mogelijk, omdat er nog te weinig studies zijn gedaan met dit middel. 

 

Omhoog

 

 

 

02-12-2011